His Master’s Voice

His Master’s Voice (afgekort HMV) was een Brits platenlabel (eigendom van EMI) en is tevens de naam van een internationale keten van platen- en boekenwinkels. Het platenlabel is al sinds de jaren tachtig niet meer actief, maar de winkelketens bestaan nog.

Beeldmerk

HMV is bekend vanwege het opvallende beeldmerk: een hondje, Nipper genaamd, dat zijn oren bij de hoorn van een ouderwetse grammofoon houdt. Volgens de overlevering luisterde hij op dat moment naar de stem van zijn baasje – “His master’s voice”, dus. Het beeldmerk is eind 19e eeuw ontworpen door de Britse kunstenaar Francis Barraud. Het werd in 1899 aangekocht door The Gramophone Company in Groot-Brittannië, de voorloper van het huidige EMI, maar het beeldmerk werd pas tien jaar later gebruikt op de platenlabels van de platenmaatschappij.

His Master’s Voice

Het beeldmerk van het hondje en de grammofoon werd zo populair, dat de platen van The Gramophone Company al snel werden uitgebracht onder de naam His Master’s Voice, hoewel de officiële naam van het bedrijf Gramophone Company bleef.

His Master’s Voice bracht in de eerste decennia van de 20e eeuw veel platen uit, eerst op wasrol, later op 78-toerenplaten en groeide daardoor al snel uit tot een van de grootste platenmaatschappijen ter wereld. Eigenaar The Gramophone Company breidde zijn activiteiten in de jaren twintig uit naar de retail. Zo werd in 1921 in Londen de eerste HMV-winkel geopend, waar platen, bladmuziek, instrumenten en afspeelapparatuur werden verkocht. In Nederland werden in de eerste jaren na 1900 al enkele HMV-winkels geopend, onder meer in Den Haag, Haarlem en Amsterdam. In deze winkels werden uitsluitend HMV-platen verkocht, pas eind jaren ’20 werden er ook titels van andere labels aangeboden.

Inmiddels was The Gramophone Company in handen gekomen van het Amerikaanse Victor Company, dat op zijn beurt in 1929 overgenomen werd door RCA in de VS. Dat bedrijf was in de VS verantwoordelijk voor de distributie van HMV-platen. In Groot-Brittannië werd HMV eigendom van het nieuw gevormde EMI, waarin The Gramophone Company was opgegaan.

HMV nam een hoge vlucht in de jaren vijftig, onder meer dankzij Amerikaanse artiesten die in Europa op het HMV-label werden uitgebracht. Voorbeelden hiervan waren uiterst succesvolle namen als Elvis Presley, Ray Charles, Danny Williams en Pérez Prado. In Nederland werd het vertegenwoordigd door Bovema.

His Master’s Voice vond z’n einde als poplabel in 1967, toen eigenaar EMI besloot om van His Master’s Voice een label voor klassieke muziek te maken. In de jaren ’70 werd het beeldje van het hondje en de grammofoon verhuld in brons en werd door de platenmaatschappij (EMI,) uitgereikt aan artiesten en of muziekproducers en of componisten als een muziekprijs en veelal pas na verkopen van meer dan 100.000 geluidsdragers zoals elpees. Medio jaren tachtig werd de naam veranderd in EMI Classics, om de herkenbaarheid van het platenlabel te vergroten.

Eind jaren tachtig keerde HMV korte tijd terug voor de releases van de Britse zanger Morrissey.

Muziekprijs

Bovema/EMI gebruikte het logo van His Master’s Voice ook voor een prijs die ze ook wel Gouden Hond noemden (of varianten in andere talen daarvan). Componist, producer en artiest Jack de Nijs (beter bekend als Jack Jersey) ontving de prijs vijf maal. De Volendamse band The Cats ontving de prijs ook een maal (voor één miljoen verkopen van de single One way wind in Duitsland).

hmv

hmv